Slachtoffers van willekeurige terreur. Gezichten en verhalen van de April Meistakers in Groningen in 1943
Ter nagedachtenis aan de slachtoffers van de April-Meistakingen in de drie noordelijke provincies organiseert het OVCG een expositie in de hal van de Groninger Archieven.
De expositie is vanaf 25 maart te bezichtigen in RHC Groninger Archieven.
“De Mof is tot de laatste maatregel overgegaan. Onder den mantel van al te doorzichtige laffe leugens poogt hij bijna een half miljoen mannen gelijktijdig in slavernij te brengen.
Nederlanders. Indien deze maatregel slaagt is de eer van ons vaderland voor goed verloren.
Er rest ons maar een antwoord, waartegen Hitler’s moordbende volkomen machteloos staat: ALGEMENE STAKING!!!!”
Via dit soort pamfletten werd tijdens de April-Meistakingen van 1943 opgeroepen om het werk neer te leggen.
De reden voor de staking was de oproep dat allevoormalige Nederlandse militairen van de meidagen van 1940 zich moesten melden voor krijgsgevangenschap in Duitsland.
Ook in de provincie Groningen werd gestaakt, vooral in het Westerkwartier en in Zuidoost Groningen.
Na aanvankelijk verrast te zijn door de stakingsdrift van de Nederlanders, sloeg de bezetter genadeloos terug.
In enkele dagen vonden 175 mensen de dood en vele anderen werden naar concentratiekampen gestuurd.
Van sommige slachtoffers werden de lichamen meegenomen en op een geheime locatie begraven.
Velen zijn nooit teruggevonden.
Aan de hand van een portrettengalerij en persoonlijke voorwerpen wordt het verhaal van de slachtoffers vertelt.
Jogchum van Zwol uit Leens was het eerste slachtoffer in de provincie Groningen.
Maar ook van Berend Trip, die voor zijn beulen alle schuld op zich nam om zijn maten vrij te krijgen.
Zelfs zijn moordenaars waren onder de indruk van zijn moedige houding.
Of het verhaal van Grietje Dekker, het enige vrouwelijke slachtoffer, die uit pure willekeur door de Ordnungspolizei in haar buik werd geschoten.
Ze was die dag net verloofd.
En de 17 slachtoffers uit Marum, het dorp dat de meeste doden betreurde.
Dankzij onmisbare hulp van de nabestaanden hebben we de verhalen van de slachtoffers kunnen opschrijven.
Ook de foto’s en persoonlijke voorwerpen hebben we van familieleden mogen ontvangen.
Deze expositie is mede tot stand gekomen dankzij de bijdragen van: Stichting Centrum voor Propaganda voor Eenheid in de Vakbeweging en het Huis van de Groninger Cultuur.
Lees ook het artikel over de tentoonstelling dat op 21 maart in Daglad van het Noorden verscheen.











